Astrid Holleeder curator tentoonstelling gestolen meesterwerken

96_Astrid Holleeder curator-3

Na haar familiekroniek Judas, het best verkochte boek van 2016, komt Astrid Holleeder, de zus van topcrimineel Willem Holleeder, met een nieuw artistiek project. In samenwerking met de Penitentiaire Inrichting Vught, het ministerie van Justitie en Interpol stelt ze een tentoonstelling samen van gestolen meesterwerken. De Italiaanse Camorra zal speciaal voor deze gelegenheid het in 2010 gestolen schilderij Le Pigeon aux peitis pois (1910) van Picasso uitlenen.

Holleeder wordt bijgestaan door ex-kunstdief Octave ‘Okkie’ Durham en Mink Kok, bijnaam De Denker. Waar de tentoonstelling zal plaatsvinden en welke meesterwerken nog meer te zien zullen zijn, blijft ‘om veiligheidsredenen’ voorlopig nog geheim. Haar woordvoerder laat weten dat in ieder geval Van Goghs Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884-1885) van de partij zullen zijn: “Desnoods steelt Okkie ze opnieuw.”

Op het gerucht dat ook Het concert (1666) van Johannes Vermeer eindelijk weer voor publiek te zien zal zijn, wil de woordvoerder niet reageren. Mink Kok laat vanuit Libanon echter weten dat hij ‘in de wandelgangen’ heeft vernomen dat het in 1990 gestolen schilderij door ‘onvoorziene omstandigheden’ grotendeels roze is geschilderd. “Sorry jongens”, zegt Kok via WhatsApp, “mijn vrouw vond het spuuglelijk.”

Van Gogh Museum: Huishoudboekje niet van Van Gogh

80_van-gogh-kasboekje-3

Na een stripboek, een balboekje, drie notitieboeken, een schetsboekje, een dagboek, twee kleurboeken en een onderbroek is onlangs in Parijs een huishoudboekje opgedoken dat volgens het Van Gogh Museum niet van Vincent van Gogh is.

In de magere jaren 1861-1890 zou Van Gogh een budgetcoach hebben gehad, die erop aandrong dat de Nederlandse schilder zijn inkomsten en uitgaven goed moest bijhouden. Volgens de Parijse ontdekker van het boekje, Ramanov Schmomanov, is dit boekje een gevolg van deze aansporing. Schmomanov vond het boekje in de meterkast van de conciërge van een oud schoolgebouw aan de Rue Coysevox, waar Van Gogh regelmatig zijn poedel Thea zou hebben uitgelaten.

Volgens het Van Gogh Museum is het zeer onwaarschijnlijk dat de kunstenaar in het boekje zo slecht kon optellen. Die ‘algebraïsche vergissingen’ wijken af van zijn basale rekenkundige vaardigheden. Ook het gebrek aan economische ontwikkeling dat de kunstenaar in deze periode doormaakt, vindt het museum ongeloofwaardig. Een suppoost van het museum meldt: “Hij blijft maar absint kopen, terwijl hij diep in de min staat. Dat zou toch absurd zijn?”

PostNL komt met postzegel oor Van Gogh

Van Gogh_postzegel_01

Op 3 augustus verschijnt het postzegelvel ‘Vincent van Goghs oor’, waarmee PostNL aandacht besteedt aan de ontdekking dat Vincent van Gogh op zondagavond 23 december 1888 in een vlaag van waanzin daadwerkelijk zijn gehele oor afsneed, en niet alleen het lelletje. De tien postzegels zijn voorzien van de waardeaanduiding Nederland 1, bedoeld voor post met een bestemming binnen Nederland.

PostNL heeft een lange traditie als het gaat om mooie en bijzondere postzegels. Voor elke speciale gelegenheid is er wel één. Denk aan de postzegel met afbeelding van koning Willem-Alexander. PostNL geeft maandelijks nieuwe postzegels uit, met een speciaal thema of iets kunstigs.

Museumplein introduceert: enkelticket

46_Enkelticket

Om te voorkomen dat bezoekers op één dag meerdere musea aandoen, introduceren de musea aan het Museumplein in Amsterdam vanaf 1 september het ‘enkelticket’. “Het idee is voortgekomen uit frustratie”, legt Françoise Puikbeen van het Van Gogh Museum uit. “Voor de kunstwerken en de museummedewerkers is het beledigend als mensen voortdurend in- en uitwandelen. We noemen dat hier het ‘draaideurbezoek’, een grote bron van irritatie, ook voor het Rijksmuseum en het Stedelijk.”

Het enkelticket wil traag museumbezoek belonen, ook financieel. Puikbeen: “Per bezoeker ontvangen we ongeveer 23 euro subsidie, dus we kunnen gerust tien euro geven aan degene die langer wil blijven.” Het gaat om bezoekers die zich een dag committeren aan één museum. “Minstens vijf uur lang”, zegt Puikbeen. De samenwerkende musea kozen voor de naam ‘enkelticket’ om aan te geven dat het om een enkel museum gaat en bovendien verwijst het woord naar de enkelband die in TBS-klinieken met succes wordt toegepast. “De techniek achter het enkelticket is vergelijkbaar”, aldus Puikbeen.

Tafeltennissers op het Museumplein reageren enthousiast op het initiatief: “Kan ik er ook een voor mijn beide enkels krijgen?”, vraagt Mirte Rugnerf, bloemstylist in opleiding. “Twintig euri, dat zijn toch weer drie pakjes rooie Gauloises.” Student Vrijetijdskunde Snoef Johnson wil ook best zo’n enkelticket, “als ze tenminste gratis WiFi hebben in die musea, ik heb wel een start-up te maintainen.” Alleen Marja Bensdorp van den Flasakker, gepensioneerd endocrinoloog, vindt het enkelticket ‘enigszins aanmatigend’: “Kunst kijken vergt tijd, veel tijd, dat weet toch iedereen? Ik heb in Museum de Fundatie laatst twaalf uur onafgebroken voor een Ans Markus doorgebracht, en nóg begrijp ik haar werk niet helemaal.”

Op de vraag of ook het MOCO deelt in het enkelticketsysteem, reageerde Puikbeen met: “Het wattes? Ik heb géén idee waar u het over hebt!”