Rem Koolhaas richt Art Rotterdam in

122_Rem Koolhaas richt Art Rotterdam in

Rem Koolhaas is dit jaar verantwoordelijk voor de inrichting van Art Rotterdam. Dit maakte de organisatie van de beurs, die 8 tot en met 11 februari plaatsvindt in de Van Nelle Fabriek, bekend via Facebook Messenger. Koolhaas is gevraagd naar aanleiding van zijn ‘zeer succesvolle eindejaars-verkooptentoonstelling’ (met vijf jaar verlengd) in het Stedelijk Museum, aldus beursdirecteur Fons Hof. Voor Art Rotterdam kreeg de architect carte blanche, met maar één restrictie, legt Hof uit: “Het gebruik van metaal is uitgesloten. Dat spul kost tonnen. We zouden er failliet aan gaan.”

Koolhaas zelf wil nog niks beloven over zijn materiaalkeuze, maar laat in een telefonische reactie weten dat hij erg van graniet en zwarte coltruien houdt. Het inrichten van Art Rotterdam ziet hij als ‘een stukje historical singularity’: “Die Van Nelle Fabriek is natuurlijk gebaseerd op mijn ontwerp voor de Realdoll Factory in Californië, dus het voelt als een logische plek voor me om kapot te designen.”

Niet iedereen blijkt gelukkig met de aanstelling van Koolhaas. Een aantal galeries is uit protest het gelegenheidscollectief  ‘NOT KOOL’ begonnen. “Wie is die Rem Koolmees nou eigenlijk?” aldus Juliètte Jongma, van de gelijknamige galerie uit Amsterdam. Galerie Dürst Britt & Mayhew uit Den Haag vreest dat het met Koolhaas te veel ‘een uitdragerij wordt’. En de baas van de Amsterdamse galerie Fons Welters is nog altijd boos over de mislukte verbouwing van zijn boerderij in Munstergeleen, door Koolhaas. Welters: “Ik wilde helemaal geen skyscraper!”

Verwacht: Pikante Caldic Collection Calendar

29_Caldic Calender-2
Teaser Caldic Collection Calendar

Het vrouwelijk schoon in de kunstwereld neemt steeds vaker professionele fotografen in de arm om haar talenten te etaleren. De foto’s zullen niemand zijn ontgaan: rustend op rijke sofa’s showen de dames bevallig en steels in uitgedachte composities hun kekke jurkjes met bijpassende hakken. Terwijl de mannen druk bezig waren met carrière maken, hadden de meiden volop tijd om ongestoord te werken aan hun killer legs en duck faces.

Gelukkig zijn de heren van het museum- en galeriewezen hard bezig met een tegenoffensief: de Caldic Collection Calendar. Want ja: sex sells, dat weten zelfs mannen. Na honderden jaren voorsprong willen ze nu niet achter blijven op hun vrouwelijke collega’s.

Natuurlijk prijkt Wim Pijbes zowel de cover als de felbegeerde decembermaand in een uitdagende pose passend bij zijn nieuwe ambitie. Fons Welters is vanwege zijn zwoele blikken-expertise en fijnzinnige kennis van pasteltinten aangetrokken om de styling van de kalender te verzorgen. Welters: “Voor Lorenzo Benedetti bedacht ik een zeer minimaal ensemble met enkele precies geplaatste stukken op onverwachte plekken. Bij de foto van Eelco van der Lingen zal vooral de belichting een grote rol spelen.” Steven ten Thije gaat naar verluidt behoorlijk uit de kleren, omdat hij ‘wil laten zien dat het niet alleen om de inhoud gaat.’

Xander Karskens en Huib Haye van der Werf waren zo enthousiast over het initiatief dat ze met elkaar hebben ge-catfight om de eer om als eerste bloot te gaan voor de januarimaand. Dürst Britt & Mayhew zou ook deelnemen, maar het frivole galeristenduo maakte het zo bont in de fotostudio dat zij de uiteindelijke selectie helaas niet hebben gehaald. Zij waren niet de enige die voor gerommel zorgden: het schijnt dat Pijbes om mee te doen 200 naaktkatten in zijn kleedkamer eiste, plus een schaaltje blauwe M&M’s. Dat bleek een ongelukkige combinatie. Joop van Caldenborgh zelf is niet uit de kleren gegaan.

De kalender wordt gepresenteerd tijdens de officiële opening van Museum Voorlinden, de opbrengst zal gaan naar een nieuw op te richten fonds, het Bro’s Before Ho’s Fonds.

Art Rotterdam weert rode stippen

van nelle vooraanzicht

De bekende rode stip, het stickertje dat galeriehouders naast een kunstwerk plakken om aan te geven dat het betreffende werk verkocht is, zal dit jaar nergens te zien zijn op Art Rotterdam. De nieuwe hoofdsponsor van de internationale kunstbeurs, het boekingsbureau Rocket Agency & Events, heeft bedongen dat de rode stip vervangen wordt. Fons Hof, directeur van Art Rotterdam, licht telefonisch toe: “Kunst is entertainment, dat realiseren de mensen zich onvoldoende. En we wilden die entertainment-factor en ook de connectie met de Rotterdamse cultuurgeschiedenis in deze editie net wat breder uitrollen.”

Ter vervanging van de rode stickertjes krijgen galeriehouders kleine plakplaatjes met het hoofd van Lee Towers. De groene stip, die aangeeft dat iemand een optie op een werk heeft, wordt vervangen door een stickertje met het hoofd van Bart Chabot.

Een aantal galeries heeft aangegeven het niet eens te zijn met dit nieuwe protocol en is het gelegenheidscollectief ‘NO STICKER, NO GLORY’ begonnen. Juliètte Jongma, van de gelijknamige galerie uit Amsterdam, heeft besloten uit protest verschillende kleuren kauwgom te gebruiken om aan te geven welke werken verkocht zijn. Galerie Dürst Britt & Mayhew uit Den Haag kiest voor My Little Pony-plakplaatjes en de Amsterdamse Galerie Fons Welters zorgt voor stickers van boerderijdieren. Fons Welters: “Toevallig heb ik thuis lades vol liggen, ik begon ze al te verzamelen toen ik nog landbouwer was in Munstergeleen. Ik kan er eindelijk eens mijn woede mee uiten.”

Hof reageert: “Het is puur gekissebis, heel typisch voor de Nederlandse kunstwereld om meteen zo’n kliekje te vormen. En kinderachtig is het ook. Het is maar afwachten of ze volgend jaar wel door de ballotage komen, ik kan ook heel kinderachtig zijn als het nodig is.” Volgens Hof zijn de buitenlandse deelnemers veel inschikkelijker: “Zij begrijpen die entertainment-factor beter, al kennen ze Lee Towers meestal niet.”

Lee Towers, een van de graag geziene VIP’s van de beurs, laat via zijn management, Rocket Agency & Events, weten blij te zijn dat er eindelijk een beetje reuring is op Art Rotterdam, want “met alleen een rijkdom aan jonge kunst en een uitgebalanceerde mix van commerciële en niet commerciële presentaties onderscheid je je als kunstbeurs echt niet van je vermiljonairde buitenlandse concurrenten.”